Skip navigation.

De walvishaai

De walvishaai is de grootste vis die in de oceanen zwemt. Een echte haai, maar wel eentje waarvoor je niet bang hoeft te zijn.

De walvishaai is de grootste vis ter wereld. Hij kan wel 20 meter lang worden en 34.000 kilo wegen. Dat is bijna net zoveel als 14.000 zakken aardappels! Zijn bek is supergroot, soms bijna 1,5 meter breed. Toch hoef je er niet bang voor te zijn: de duizenden tandjes zijn zo klein dat-ie hoogstens wat garnaaltjes kan fijnkauwen.


Foto: GP/Newman

Borstelige haartjes
Walvishaaien zijn gek op kleine visjes en plankton. Plankton zijn kleine plantjes en diertjes die in het water drijven. De haaien zwemmen gewoon met hun enorme bek wijd open, zodat het water met eten en al naar binnen stroomt. In vijf grote kieuwspleten zitten borstelige haartjes. Die werken als een filter: het voedsel blijft in de bek en het water loopt eruit.

Kleintjes
Haaien zijn echte vissen en geen zoogdieren zoals walvissen en dolfijnen. Kleine walvishaaitjes groeien in eieren. Die eieren blijven in het lichaam van de moederwalvishaai tot de jongen worden geboren. Walvishaaien worden 100 tot 150 jaar oud. Maar er worden niet veel kleine walvishaaitjes geboren: walvishaaien planten zich heel langzaam voort.

Dol op haai
Voor jagers zijn walvishaaien een aantrekkelijke prooi. In veel Aziatische landen zijn ze dol op het vlees. De vinnen verdwijnen in de soep. Hele dure soep want één walvishaaienvin kan 16.000 euro opleveren. Ook de huid wordt duur verkocht. Uit de lever wordt olie gehaald om houten boten waterdicht te maken (ja, echt waar!). Walvishaaien zijn bovendien erg makkelijk te vangen. Ze zwemmen vaak dicht langs de kust, aan de oppervlakte en ze zijn ongevaarlijk.

Haaitje kijken
Met de jacht op walvishaaien valt veel geld te verdienen. Daarom willen veel landen niet dat de jacht wordt verboden. Maar juist levende walvishaaien brengen veel geld op. Veel mensen vinden het namelijk reuze interessant om zo’n haai van dichtbij te zien. En dus betalen ze ervoor om met een boot de zee op te gaan en zelfs de oceaan in te duiken, vlakbij de walvishaai. Dat is veel mooier dan een dode walvishaai!